Wandelen met een ezel.




Maandag, dinsdag en woensdag, 24, 25 en 26 juli 2006. Hoe was 't, behalve heet dan.

Anders. Ik heb versteld gestaan over mijn zoontje, acht jaar. Geen gezeik, tenminste geen mahammm, ik kan niet meer hoor... 15 - 14,5 - 12,5 kilometer op zijn nike sandaaltjes. Goor, gr! Zweet, stoffige paden en een hypertje: samen gegarandeert een sinterklaashulpje.

Zondagavond met vrienden die hier hadden geBBQt mee naar hun huis gereden, daar te laat naar bed. Maandagochtend afgezet bij de ezels, zeer korte instructie, achteraf omdat de ezelman - Richard aan mijn manier van omgaan met de dieren had gezien, dat het wel zou loslopen, wat nog wel wat leuke dingen opleverde later. Want van ezels had ik geen kaas gegeten! Dus hoe op te zadelen, hoe de hoeven te schonen, waar op te letten, welke commando's (weinig), hoe aan te sporen, wat wel en niet te eten, wanneer te drinken, bladibla. En huppeteej, mazzel. Ok, beetje gechargeerd nu. ;-)

Maandags, zo was me op het hart gedrukt, zeker de eerste kilometers even laten zien wat de ezel aan mij zou hebben. Balthasar heeft zich kranig geweerd en we zijn maar tot een compromis gekomen, want ik weet er allemaal nog te weinig van en hij is een oudgediende. Met streken, waar ik ook nog achterkomen zou. We hebben in dertig plus graden door de achterhoek gesjouwd, weinig schaduw, veel aardige mensen die in ruil voor een aai voor de ezel de waterflessen willen vullen en heel veel los zand. Overigens ligt naast los zand altijd wel een goed begroeide berm en dat weet Balthasar ook. Als je hem niet in de gaten houdt, heeft hij je door en ineens stevent er een paar honderd kilo op hoeven op de berm af. De keren dat hij naar de rechtse ging, was het nog niet zo'n ramp, hij loopt meestal rechts van me. Te corrigeren is hij dan bijna niet (het kan wel, haaks op het hoofd, maar dat vergeet ik steeds), maar je gaat gewoon mee met em. De keren dat hij de linkerberm induikt, is hij wel door me te corrigeren, want ik druk met mijn bovenbeen in zijn hals en commandeer 'lopen'. Tot de slimmerik dus gewoon eerst achteloos zijn hoofd laat hangen, wat over de grond schuiert en ineens zijn hoofd laag over de grond bewegend mij alsnog de berm indrukt. Dan kan ik dus niet adequaat reageren en zo stond ik een keer klem tussen de manden, zijn hoofd en het prikkeldraad.


Eerst het gros in de twee manden zien te pakken.

Eind van de middag bij een boerderijcamping aangekomen, Balthasar afgepakt, op wei gezet (veel groen gras in de schaduw), verzorgd en hij was bang van de gele wateremmer. Hmmm. Dan ook een blauwe teil erbij, dat was helemaal een crime. Uiteindelijk na het tent opzetten, wat eten maken en douchen de ezelstal gebeld, want ik wil niet morgen met een verdorstende ezel rondsjouwen. Antwoord: als ie dorst heeft, drinkt ie wel. Okeej dan. En inderdaad, hij had gedronken de volgende ochtend.


Ezeltje, ezeltje.

Die volgende ochtend echter werd ik quasi gehapt door hem. Hij wilde niet dat ik zijn hoeven deed, en terwijl ik bevallig mijn bibs in zijn richting duw met zijn voorbeen in de handen, haalt hij uit met die grote tanden van hem. Huuuh! Bij zijn achterbenen begint hij zowaar te stampen en bij de derde keer heb ik er genoeg van, hij is veel te sterk voor me, ik ga de boer erbij halen. Maar met het poortje in de handen heb ik zoiets van: ja heej, ik, Anna... en dan een beetje de ezel de dienst laten uitmaken? Dus toch maar een vierde keer en het lukt me nu, net.

Vandaag is het snikkend heet. Balthasar heeft zich te bersten gevreten aan groen gras en is niet vooruit te branden. En volgens mij heeft mijn zoon naast Balthasar in de wei gestaan, want die is ook niet vooruit te schoppen. We vertrekken pas bij elven en lopen flinke stukken zonder bomen annex schaduw dwars door weilanden en langs maisvelden. Ht! Op het heetst van de dag zijn we uiteindelijk tot halverwege gekomen en daar heb ik er tabak van. Balthasar heeft over lange graswegen alleen maar lopen kwallen, meer stilgestaan dan gelopen (dat lag natuurlijk aan mij), mij honderd keer op het verkeerde been gehad en de berm ingeflikkerd en ik krijg het op een gegeven moment zo op mijn heupen, dat ik een pauze inlas. Zeikende zoon een broodje in de handen gedrukt, Balthasar aan een paal gebonden waar hij zich maar moet redden met het weinige gras dat er staat (mijn zoon heeft armenvol gras uit de belendende tuin gehaald voor de ezel), het lieve dier afgepakt en ik ben met mijn hoofd op de tent op het bankje gaan liggen: zo, schluss, veel te warm. En ik te nijdig om het leuk te vinden, dus dan maar even de rem erop om het toch maar leuk te houden. We doen het tenslotte voor onze lol en doorkachelen en een rothumeur kweken doe ik wel op mijn werk, niet op vakantie. ;-)


Die wintervacht moet eruit. ;-)

Als ik weer afgekoeld ben en weer een volwassene ben geworden ipv een klein mokkend kind, stappen we onder de bomen weg in de zon en uit de wind en worden geroosterd. Maar als de nood het hoogst is, is het bos in zicht. Eenmaal daar gaf ik mijn zoon de leidsels in handen. Smal paadje, niks vreetbaars langs de kanten of op bekhoogte en ik erachter met een twijgje. Want als hij niet doorlopen wil of niet op gang te krijgen is, helpt een zacht tikje met een twijgje oid ergens op het achterlijf en de clou is, dat hij niet weet wr. En liefst nog dat hij niet weet dt er een tikje volgt. Want als je naast em loopt, en het commando 'lopen' geeft en vervolgens de twijg pakt en zelf iets naar achter leunt, gaat ie OF een pas harder lopen omdat hij weet dat het menens is OF hij struint de berm in, omdat je em nou toch niet kunt tegenhouden. De draak. :-)

De ezels mogen onder het lopen niet eten, anders gaan ze profiteren. Als je even aan de kant moet voor een noodstop, een blik op de kaart of omdat je een tegenligger tegemoetkomt op een te smalle weg (twee joekels van manden aan weersijden van het dier he), dan stuur je ze de berm in en dan is het ook bij de eerste grasspriet feest. Balthasar echter vindt het schijnbaar leuk om tijdens het lopen met zijn snufferd over de grond te schuieren. Bakstenen likt hij gaandeweg af, en plantjes in de middenberm worden meegeplukt tijdens de stap. Resultaat: af en toe een absolute halt, omdat het toch wel erg lekker is. Och, we hebben er toch niet de sokken in en het is warm. Nog enkele kilometers te gaan als we langs een plas komen. Mijn zoon gevraagd of ie niet even wilde kijken of er vis zat en zo struinde hij lekker even door het water, koelde wat af en voor die kids is het ook niet leuk om alleen maar te lopen, daar moet afwisseling en uitdaging in zitten. En afkoeling!


Hoeven schoonmaken.

Die dinsdag komen we pas tegen zessen de camping op, alles gaat traag, Balthasar doet weer nukkig als ik zijn hoeven wil doen, maar een berg hooi verzet de gedachten en ik peuter zijn hoeven leeg, zet de tent op en heb geen centje zin meer om te gaan douchen, eten te maken of wat voor zinnigs dan ook. Dus hijs ik ons in badkleding en we gaan languit in het pierenbadje op de camping... chloor werkt net zo goed als sop. Als we terugkomen bij de tent die ik pal naast de weide heb gezet, balkt de scheet me zachtjes toe: Hoi! De volgende ochtend om zes uur doet hij dat weer, maar dan niet zachtjes: ik ben alleen, ik wil aandacht! Geleerd van de dinsdag, gaan we op woensdag eerder op pad. Zoonlief ligt nog in de tent, half op zijn matje en helemaal in zijn slaapzak en verder heb ik alles al ingepakt. Dus na het optassen van Balthasar en het halen van de verse broodjes stappen we aan om pas in het bos te ontbijten. Een flink eind gelopen tot het tegen twaalven echt heet wordt. En dan moeten we ook het bos weer uit. Maar de moed zit erin, de vaart ook, en de vele sproeiers onderweg houden mijn zoon koel.

Als we de heuvel/ezelstal in t vizier krijgen, begin ik te treuzelen. Het laatste bankje samen, nog maar een enkele keer de berm ingeknikkerd worden, laatste keer afladen en optassen en dan is het weer voorbij. Bij de stal aangekomen, heb ik nog een uur zitten nakaarten met Richard. Allerhande geinigheidjes die mij overkwamen, worden nu ineens verduidelijkt. Balthasar is dan wel n van de meest door de wol geverfde ezels, het is ook een slimmerik die van een beetje drammen houdt. En hij test je graag uit. Verder is hij een ezel zoals een ezel hoort te zijn met gekke dingen, opvallende streken en rotgeintjes.


Wie heeft er schaduw? Juist...

Balthasar was de eerste ezel van Richard. Hij heeft aardig wat uurtjes met hem gestapt en in eerste instantie in zoverre afgericht cq getraind, dat hij er lekker mee overweg kon en er een metg'ezel' aan had. Dus Balthasar is veel gewend, maar is ook een ietsje anders dan de rest van de dieren, omdat die echt zijn getraind voor de wandelingen en evenementen waarvoor ze kunnen worden gehuurd.

Ik zei al, dat de ezels tijdens het lopen niet mogen eten, enkel als ze door de begeleider in de berm gedrukt worden. Ze proberen het allemaal en als je in het begin flink doortastend optreedt, weet de ezel wat hij wel en niet kan maken. Ik zei ook al, dat Balthasar en ik tot een compromis leken te komen ipv dat ik met een makke sukkel drie dagen rondliep. Laten we het er op houden, dat Balthasar wat meer karakter toont dan de rest. Met het lopen bijvoorbeeld mieterde hij me het eerste kwartier een paar keer in de berm, tot ik hem begon te lezen en aanvoelde wanneer hij het wilde gaan doen. En als hij vol brute kracht dan toch mij van de weg wilde drukken, drukte ik terug en won. Tot hij met zijn hoofd laag over de grond begon te schuieren, en dan ineens mij alsnog van de weg drukte, omdat ik em dan niet meer bijtijds kon corrigeren en hij te sterk was.


Knuffel!

Al direct bij mijn aankomst werd Balthasar uit de wei gehaald en aan het hek gebonden. Hij moest er blijven staan tot we de route hadden doorgenomen, de borg hadden betaald en even wat dingetjes hadden doorgenomen die er nou eenmaal bijhoren. Toen naar de ezel. Ik moest Balthasar inleveren zonder wintervacht en had dus nog heel wat te gaan. Eerst maar eens stevig geborsteld om alle ongerechtigdheden uit de vacht de krijgen, omdat dat anders voor wonden zorgt onder het zadeldek. Lesje gehad in hoe je de hoeven schoonmaakt, terwijl ik toekeek hoe Richard het aan de ene kant deed. Ik kreeg de hoefkrabber in de handen gedrukt en mocht de hoeven aan de andere kant doen. Juist ja.

Dus ik wurm me tussen hek en dikke ezelbuik en hij duwt me aan de kant. Ik ga dus vriendelijk weer terug, want ik ben al eens in mekaar gestort omdat een koe me vastzette tussen zichzelf en de wand tot ik het bewustzijn verloor. Maar Richard kijkt me aan en gebaart: jij bent de baas, hij moet maar opzouten. Dus ik ga er weer tussen en geef Balthasar een zet. (dit heeft er wrs voor gezorgd dat hij me later dus niet wilde toelaten om zijn hoeven te schonen, maar goed, ook dat is weer goedgekomen) Hij ging inderdaad aan de kant zodat ik met het zweet in de handen probeerde een been van de grond te krijgen. Het lukte me, ik krabde de hoef schoon terwijl ik alsmaar bang was dat ik em pijn zou doen en wilde naar de andere hoef. Reprimande! "Je zegt em natuurlijk wel dat je zijn been weer neer gaat zetten en doet dat dan met beleid." Heu, sorrie.


Pauze en een broodje in de schaduw.

Dus met een lief stemmetje vertelde ik Balthasar wat ik wilde doen, deed dat dan en vertelde hem weer dat het nu voorbij was. Balthasar vond het wel best. Dan het dek van voor naar achter over de rug tot op de juiste plaats geschoven en daaroverheen het houten juk annex zadel. Leren band over de kont, staart eroverheen, leren band voor de borst langs, vastgegespt, singels aantrekken, knoop erin... heu, hoe ging dat? Dus ik de tweede singel aangesnoerd en knoop erin terwijl Richard het voorzei. En toen begon ik em weer uit te halen. Richard keek even raar, maar ik wilde weten of ik em ook kon leggen zonder iemand die het voorzegt. En ik kon het.


Nog steeds pauze, maar zoonlief is alweer op de been; nu mama nog.

Ja, en dan ziet Richard, dat ik soepeltjes n wordt met de ezel, dus hij denkt, dat ik wel weet waar ik mee bezig ben. Ik krijg verder wat korte aanwijzingen hoe de ezel te bepakken, wat de commando's zijn en direct om de hoek van het terrein wordt het touw me in de handen gedrukt: doei, tot over drie dagen, terwijl anders de eerste halve kilometer wordt meegelopen. Enigszins benauwd neem ik het aan, doe zo zelfverzekerd mogelijk en zeg 'Balthasar lopen'. Verdomd hij stapt aan. Ik wil triomfantelijk omkijken, maar Richard is alweer naar binnen. Achteraf bleek hij gedacht te hebben, dat dit gesneden koek voor me was, omdat ik zo natuurlijk op de ezel reageerde. Ja, klopt, ik kan dieren lezen (behalve paarden), maar eh, dit was de eerste keer dat ik dichterbij een ezel was dan een paar meter. En bij paarden kom ik al helemaal niet in de buurt, dus Richard zou iets anders, lees uitgebreider hebben gereageerd, hadtie dat geweten. Och ;-)


"Sta jij hier helemaal alleen? Dan kom ik wel even bij je knuffelen."

En van de dingen die de ezels niet mogen, is eten tijdens het lopen. Balthasar liep lekker door en drukte me ook niet meer steeds de berm in, maar liet af en toe het hoofd zakken en die soepele lippen maaiden dan tijdens het stappen het middenstuk van een karrenspoor. Och als hij doorliep... Balthasar doet dat heel vanzelfsprekend, de rest zal het een keertje proberen en dan bij een terechtwijzing niet meer. Maar Balthasar doet het toch, want hij is dat zo gewend. Huh, gewend? Jah, want de eerste ezel van Richard mocht dat. Ah! Dat je dan soms ineens patsboem stilstaat, omdat het geen grassprietje meer is, maar een complete bonk onkruid, sja, dat is daar dan weer het gevolg van. Kijk, dat was zoiets wat Balthasar eigen is, en zo niet bij de andere ezels voorkomt.


"Ehhh, welke kant gaan we nu op?"

Verder heeft Balthasar altijd al machtsspelletjes gedaan met Richard, gewoon omdat ze nou eenmaal maatjes zijn. Zie het maar zo dat Balthasar de collega is van Richard en de rest van de dieren zien in hem de baas. Dus Balthasar is door jarenlange training gehaaider geworden. Dat was dan ook de reden dat hij me af en toe van de weg drukte, omdat hij heeft geleerd dat hij niet snel te corrigeren is als hij de kop laag houdt. Kan wel, maar met andere middelen, niet de makkelijkste.


Route doornemen in de schaduw.

En dan de keer dat hij in de weide stond de eerste avond. Nadat hij wat was bekomen van de wandeling en het schaap aan de andere kant van het hek niet wilde spelen, begon hij te balken als hij me langs zag komen. En ik kon hem dan niet weerstaan, omdat hij zich ook maar alleen voelde. Dus ging ik even de wei in bij hem voor een knuffel. Mijn zware wandelschoenen had ik verruild voor slippers en ineens stond hij precies voor mijn tenen op de rand van mijn slipper. Ik dacht nog: wat een mazzel. En vervolgens werd ik van de sokken gesmeten, omdat hij me vastgepind had staan en tegelijkertijd een zet gaf, waardoor ik achterover ging.

Zijn oren stonden vrolijk naar voren terwijl hij op mij neerkeek en vouwden zich in de nek toen ik overeind kwam, innig tevreden. (ezels zijn tevreden als de oren in de nek gelegd zijn, dit itt paarden) Ik vertelde van mijn mazzel bij terugkomst tegen Richard, en dat mijn tenen nog heel waren. Hij schoot in de lach en zei, dat Balthasar me dan wel erg aardig moest vinden, want ooit was dat eens per ongeluk tussen hem en Balthasar gebeurd, en de ezel had er een spelletje van gemaakt om precies op de rand van de slippers te gaan staan (hij draagt TEVA's) en dan het hoofd op te tillen en daardoor de eigenaar uit evenwicht te brengen.


Afkoelen op je sandalen in het water.

Offe: als paarden ergens van schrikken, is hun eerste reactie al dan niet steigeren en er vervolgens vandoor gaan. Een ezel moet zich werkelijk rotschrikken, wil hij deze reactie geven. Hooguit maakt hij een klein sprongetje opzij en gaat dan verder met wat hij deed. Maar als er iets is wat hem onzeker maakt, is zijn reactie stilstaan. Gewoon stilstaan en de zaken evalueren, desnoods door erbij te gaan liggen om maar eens iets onverzettelijks te noemen. Ze zijn vaak bang voor putdeksels en zeker een plas is eng om doorheen te gaan. Als de route nieuw is, dan kan een ervaren ezel best veel indrukken verwerken, maar als er een vaste route is waarop iets is veranderd, dan klopt er dus iets niet.


Kijk ons nou!

We kwamen een bocht naar rechts om, en in die bocht stond een bankje. Aan de andere kant was een zandveld, afgezet met draad voor paarden en daarop zat een merel doodstil. In de bocht zag ik de lange oren ineens naar voor richten, dus hij werd alert en twee stappen verder ging de rem erop. Definitief. Ik zag niet precies wat hem alarmeerde, omdat je naast de hals van de ezel loopt, zodat je geregeld je hand over zijn nek kunt leggen, de houding waarin de ezel zich het fijnst voelt. Dus mij viel ook de merel op en ik stuurde mijn zoontje vooruit om de vogel weg te jagen. Zo gezegd, zo gedaan en Balthasar het commando 'lopen' gegeven. Hij liep niet. Ik probeerde hem liefjes zo rechts mogelijk te leiden, maar niks. Toen het twijgje erbij, maar niks. Uiteindelijk ben ik maar voor hem gaan staan om hem het zicht op hetgene wat hij eng vond te ontnemen, maar dat werkte maar 1 stap. En ineens zag ik het: er lag een boomstronk voor het bankje wat wrs als voetenbankje of als tafeltje heeft gewerkt voor anderen. Dan maar links door de bocht geleid en dat ging gewoon soepeltjes.


Tweede nacht, pal naast ons maatje.

En dan de laatste wandeldag, de heuvel waarachter de stal ligt in zicht. Ik begon te treuzelen en maakte nog even gebruik van een bankje, de laatste voor de stal. Nog even zitten, nog even die maffe ezelkop in mijn gezicht omdat hij liever over me heenhangt dan te grazen en terwijl ik een cake-koekje op mijn been leg en de doos sluit waaruit dat kwam, voel ik een vederlichte aanraking. Weg bammetje met rozijntjes. Tevreden smakkend staat Balthasar voor me, de plakkerige zooi tussen zijn kiezen, oren in de nek gevouwen: 'lekker!, heb je meer?'

De volgende keer als ik je weer meeneem Balthasar, de volgende keer...


"Kijk, vers gras, dan kun je de nacht door."

Zou hij de volgende keer ook nog iets hebben met druppels? Want ik kon hem gewoon langs sproeiers enzo loodsen, niks aan het handje. Zo liepen we op dag twee tussen twee weilanden waarin van die grote sproeiers stonden, op een graspad (oh crime). Kalm stapte ook Balthasar over het natte gras tot ineens een siddering door zijn lijf voer en hij wat naar me toe kwam hangen. Het volgende wat ik voelde waren druppels tegen mijn been. Vanaf dat moment had hij het niet meer op water van sproeiers. Wel lachen als je die dan op zulke gortdroge dagen tig keer moet passeren.


"Daarachter die heuvel, daar is mijn stal."

Ah, en stabiel als Balthasar is, raakt hij zelfs niet onder de indruk als er een vuilniswagen langs hem heenrijdt. Ook niet als hij hem weer achter hem aan hoort komen. Wij gaan weer netjes de berm in als de vrachtwagen ineens een bochtje om wil en dan dat keiharde TSSSSSSSS vlak achter je laat horen. Toen was het wel even schrikken voor die ouwe knar.


"IIIIIIAAAAAAAAAAAAAA"

Ik stond ervan versteld toen ik de derde dag eindelijk een ezel tegenkwam. Ik verwachtte dat de beide dieren elkaar enthousiast zouden begroeten en zag al wat bagage over de weg geslingerd worden. We liepen op elkaar af, de oren naar voren en op het moment supreme: doken ze allebei de berm in omdat ze de ruimte kregen. Elkaar zien ze de godganse dag al tenslotte. Duhuh.


Stoffig, heet, moe maar voldaan en een beetje spijtig dat het afgelopen is.

Maar wat anders: als je dan dwars door een bos struint en er springt ineens een jong rood katertje uit de struiken die aandacht wil, verwacht je - ik toch wel, dat die maffe ezel ervan schrikt. Maar nee, de oren naar voor, de neus er enthousiast op af, de ezel erachteraan met manden en bepakking en al en ik vond het wel leuk, dus gaf hem de vrije lijn. Hoppeteej, van de weg af, greppel in, greppel uit, de struiken in. Hoooo nou. En dat hadtie dus bij alle dieren: allemaal interessant, maar vooral katten.

Jah, Balthasar. Zucht. Drie daagjes met je gelopen en ik mis je. Tot de volgende keer!