pieterburen-winsum-groningen-zuidlaren-rolde-schoonoord / schoonoord-coevorden-hardenberg / hardenberg-ommen / ommen-hellendoorn-holten / holten-laren / laren-vorden / vorden-doetinchem-hoch elten-millingen / millingen-groesbeek / groesbeek-gennep / gennep-vierlingsbeek / vierlingsbeek-swolgen / swolgen-venlo / venlo-roermond / roermond-peij / peij-st. pietersberg

vervolg van

Het Pieterpad


Zondag t/m woensdag 30 juli t/m 02 augustus 2006 van Peij naar de St. Pietersberg, 63 kilometer.

Zondagmiddag ben ik op mijn gemakje aangelopen naar de trein. Vandaag maar een klein stukje tot mijn eerste camping. Als ik net de bebouwing langs erg laag water vanwege de warmte uitloop, stuit ik op een hele leuke uitnodiging. Zal ik? Maar nee, ik heb net goed en wel drie stappen gezet, ik ga toch even een stukje verder vandaag.

De warmte zorgt ook voor het samenpakken van wolken, dreigende donkergrijze wolken. In het boekje staat: "U volgt het water, steeds aan de rechterhand, met enige bochten..." Na de zoveelste bocht, begonnen er grote druppen te vallen. Het bleef bij deze dreiging en ik stapte rustig door langs het kleine beekje.

Letterlijk tijdens de laatste meters voor de boerderijcamping houdt de warme lucht de zware druppels niet meer tegen, de regen begint. Als ik incheck, klatert het al vrolijk op de pannen en tegen de tijd dat mij gewezen is waar ik ergens een plekje mag zoeken, is er vrijwel niets meer droog. Mijn rugzak gelukkig wel, en daar haal ik dan ook mijn tent uit, die ik opzet onder een afdak. Vervolgens til ik het hele geval in 1x op, plemp hem op zijn plekje, pin hem vast met haringen en kruip er snel in. Ik ben drijfnat, het hoost werkelijk ongelooflijk hard en mijn slaapmatje begint te drijven. Buiten de tent loopt iedereen te redden wat er te redden valt tot over de enkels in het water. Maar ook dat droogt weer op.

En het is goed voor de bloemetjes, getuige de volgende ochtend deze witlof bij Susteren:

Vlak voorbij Susteren, enkele meters van de duitse grens zie ik in IJzerenbosch een reekalf. Ik krijg mezelf niet meer van mijn plekje af en versmelt met het asfalt voor enige tijd. Het ree verschijnt na een kwartierje ook en zo heb ik nog poosje naar de twee staan kijken.

Nu op de nieuwe route van boekje 2005, wenste ik me, dat ik de oude had mogen lopen. Ik mag namelijk over dit 'pad langs een akker' tot aan de bosrand, dan net in die bosrand tot aan de volgende zee van mais en dan weer over eenzelfde pad tot aan een veldweg. Nog voor ik halverwege het eerste pad, wat je op de foto ziet, ben, word ik aangevallen door steekvliegen. Niet enkele, nee, tigtallen! Ik struin als een gek door en door, zie niets meer tot ik op de veldweg aankom, smijt als een bezetene mijn rugzak op het pad, trek hem open, ruk er vanalles uit tot ik bij mijn toilettas ben, kwak die open en grijp mijn DEET. Oh wat een opluchting als binnen enkele seconden de bloedzuigende secreten me met rust laten. Die ettertjes doen niet alleen zeer, ze trekken ook echt bloed en de komende dagen zal ik onder de jeukende plakkaten staan. Maar dat paadje? Is het de naam pad waard?

Langs de Geleenbeek loop ik Sittard binnen. Ik hou niet van steden om te bewandelen, maar deze snelstromende beek dendert eerst een poosje door de stad, haast zonder dat je doorhebt, dat je in een stad bent. Even later kom ik uit bij een nettorama waar ik mijn avondeten en ontbijt verzamel en loop dan langs de pink panther de stad weer snel uit, zo de glooiende lappendeken op, want loop je vlak sittard in, je gaat er heuvelop weer uit. Eindelijk hoogteverschil!



Die avond mag ik in Puth na 24 kilometer nog even mijn laatste heuvel op om daar helemaal bovenaan mijn tentje op te zetten vlak voordat er weer een bui losbarst. Een fruitboer heeft een veld vrij en ik kan de hele omgeving bekijken van bovenaf. Dat 'van bovenaf' is ook van voordeel bij regen: het stroomt van je af in plaats van naar je toe zoals gisteren. ;-) Mijn uitzicht vanuit de tent:

De volgende ochtend vertrek ik bijtijds, ook al hoef ik maar 17 kilometer, want ik wil Valkenburg even aandoen. Het is bewolkt, maar drukkend warm. De belofte van regen hangt in de lucht en ik hoop, dat die daar lekker blijft hangen in plaats van op mijn hoofd te landen. Al na enkele kilometers loop ik niet meer zo hard. Ik kom langs paddenpoelen, joekels van slakken en een prachtig stukje grasland, omzoomd door bossen, doorsneden door de Geleenbeek en jachtterrein van een koppel buizerds die ik een flinke tijd kan volgen.

Maar ik begin ook nu al mijn voeten te voelen. Ik heb momenteel vakantie en heb al wat meer gelopen. Dat samen met de (te) vol bepakte 24 kilometer van gisteren is ietsje teveel geweest. Maar och, doordouwen maar, wie wilde er tenslotte met de tent op de rug gaan stappen?! Voorbij station Spaubeek gaat de weg even door een dorp, maar dan weer omhoog via een holle weg. Die zie je hier wel meer, uitgespoeld. Ook vaak in de bermen van deze holle wegen zie je de -momenteel nog rijpende vruchten van de- aronskelk.

Als je boven bent gekomen zie je een enorme groeve. Er wordt bijverteld, dat dit tegenwoordig een stortplaats is, maar daar lijkt het niet op. Zoals je op de foto ziet, wordt er nog actief afgegraven en vlak ervoor heb ik ruim een half uur zitten kijken naar een drie maal zo diep dal, waarin oeverzwaluwen hun nest hadden. Mijn voeten en mijn rommelende maag waren me dankbaar, want ik was vanochtend vertrokken zonder degelijk ontbijt, omdat het toch begon te regenen.

Hoewel het droog is, blijft de lucht dreigend laag. Bovenop de heuvels tussen peer, mais en appel kom je langs een pieterpadwijzer en verderop kom je tussen mais en graanvelden terecht. Soms echt eindeloos grote velden graan onder een lage bewolking. En als ik op mijn kaartjes begin te zoeken naar een campingplekje, omdat mijn voeten me echt het leven zuur beginnen te maken, zie ik tussen de bomen de okerkleurige grond in verdacht veel op dassenburcht lijkende hopen liggen. Ik wil het niet betreden, hoewel velen daar geen moeite mee hadden, getuige de vele toiletpapiertjes. ;-( Een eindje verder vind ik de hoofdburcht, gewoon naast het paadje, open en bloot. Er is veel graafwerk verricht vannacht, vast omdat er veel is ingespoeld na de weken van droogte en de afgelopen twee dagen met hevige neerslag.



Langs het Ravensbosch loop je langs een klein waterstroompje, de Ravensbeek, waarlangs net gemaaid is. Het ruikt er 'groen'. Je waant je haast in het buitenland. Ik word er zelfs verheugd met de mededeling, dat ik er bijna ben volgens de wegwijzer, hoewel ik het vandaag echt niet meer ga halen.


Een stukje verder begint het dan toch te regenen, aangekondigd door harde rukwinden. Ik ben in de buurt van Valkenburg en eigenlijk ben ik het allemaal helemaal beu, want mijn zere voeten werken zwaar demotiverend. Zin om door te lopen heb ik niet, de dichtstbijzijnde camping ben ik in mijn enthousiasme vanwege de dassen voorbijgelopen en Valkenburg wil ik ook niet meer doorstruinen. Nadat ik me belachelijk heb gemaakt voor het oog van vier wegwerkers die lekker droog in hun auto's in een deuk liggen om mijn gehannes met de poncho in de felle wind, verkijk ik me op een bushalte en loop ik toch door tot in Valkenburg. Van de route af, maar toen ik er laatst was, heb ik heerlijk gegeten op een bepaald terras. Ik zoek het weer op en verblijf er anderhalf uur, mezelf verblijdend met rust en echt warm eten ipv een éénpansmaaltijd.

Nadat ik me met de bus heb laten terugbrengen naar het punt waar ik het pieterpad verliet, loop ik al snel langs de Geul. Hier wat smaller en dieper, daar wat breder of met een extra slinger. Kort erna mag ik de Lange Bergweg op. Een begrip in die contreien, een verademing voor mij. Eenmaal boven kom je direct weer in een dorpje, en eenmaal daar doorheen kon ik weer van de route af, ditmaal om op een reusachtige camping mijn tentje op te zetten tussen de buien door. Ik had een boerderijcamping kunnen nemen, een kilometertje verderop, maar ik vond het genoeg, méér dan genoeg voor vandaag.

Vandaag, woensdag 03 augustus 2006, ga ik het pieterpad afsluiten, tien maanden nadat ik het begon 01 oktober 2005. Zodra ik de camping afstap en de route hervat, komt het mooiste stuk van het hele pad. Of zei ik dat al eerder van andere delen? Nahja, ik ben in ieder geval in mijn nopjes met het onhollands landschap. Ik heb nog maar enkele kilometers gelopen als ik een kleine grot ontwaar. Toevallig ben ik onlangs in de Fluweelengrot in Valkenburg geweest (titels -> Valkenburg), dus ik kan het niet helpen als ik me een poosje ophoud in deze kleine grot.

Verder afdalend door holle weggetjes krijg ik prachtige doorkijkjes op de grotten die ik wat later zal passeren.


Als ik zin krijg in een lekkere hete chocomel zet ik mijn rugzak tegen een heg en zoek een plekje tussen de voren van een aardappelveld. Zo kan ik ietsje hoger zitten en staat mijn brandertje uit de toch wel flinke wind. En zo zittend en genietend van mijn choco en het uitzicht over de graan- en korenvelden achter de aardappelplanten komen mij wat meewarig kijkende lieden voorbij, stevig de pas erin, ze moeten de trein halen, denk ik? Een halve mok verder zit ik nog steeds in alle rust met mijn kont in het zand, als er een meneer aan komt lopen. Grijze baard, dito snor en haar, grote strooien hoed op, shirtje aan, korte broek, bruingebrand, ogen op de horizon gericht en een rugzak om. Voorwaar, de echte wandelaar! Het straalt er aan alle kanten vanaf en mijn gezicht splijt open in een glimlach. Het zijne evenzo. Een goed gesprek met een perfect stranger temidden van de aardappelen en een ferme handdruk verder loopt hij weer aan en drink ik genietend mijn nu lauwe chocomel op...

De wegwijzer voor Maastricht vertelt me, dat het niet meer ver kan zijn. Bij het station aangekomen, trek ik alles uit mijn rugzak wat ik niet nodig zal hebben en dump het in een kluisje. Dat scheelt me ruim de helft. Het had veel meer kunnen schelen als ik mijn brandertje en aanverwante rommel ook had uitgepakt, maar ik wil straks nog even wat eten. De stad maar snel uitgelopen en dra loop je weer omhoog, langs voormalig fort St Pieter. Ik neem me voor om de verleidelijke 'rondwandeling fort st pieter' te doen als ik op de terugweg hier weer langskom.


Het laatste stukje. Links, het uitzicht verscholen achter wat bomen, liggen oude mergelgroeven van de St Pietersberg, sommige delen volgelopen. En dan, het is dat er al wat mensen zitten, anders zou ik zo zijn doorgelopen de GR5 op, het eindpunt. Symbolisch de schoenen, het boekje en de paal op de foto. Mijn eerste LAW voltooid.


Zo, nou lust ik wel een lekker pannetje noodles. De wind trekt aan, dus ik ga eerst even een stukje heuvelaf om wat beschutting te zoeken van de bomen. Rugzak af, open, spullen eruit, brandertje in elkaar geschroeft, mooi vlak plekje gemaakt, alles bij elkaar geraapt en water. Hmz, dat had water uit mijn waterzak moeten zijn en níét uit de lucht. Achter de bomen is een ontzettend donkere lucht over me komen drijven en die gaat nu zijn last over mij uitstorten. Snel alles in mijn rugzak gemieterd, poncho eroverheen en dan maar weer aangestapt terug naar Maastricht. Net op een open stuk vindt de wind het nog even nodig om horizontaal met de regen te gaan spelen, waardoor bijna iedereen zeiknat wegrent. Mijn bovenste helft blijft dankzij mijn poncho droog, maar de onderste helft dankzij de wind niet, omdat het allemaal zo heen en weer klappert, dat ik em niet eens vaster kan snoeren...

Och, als ik dan toch nat ben en langs het fort kom, is er niemand meer en ga ik in mijn eentje daar nog even omhoog. Ik kan er over heel Maastricht uitkijken.

Geen zin om het laatste stuk terug naar het station ook nog via dezelfde weg te doen, sla ik gewoon ergens af en kom stomtoevallig in een heel groen en nat park terecht. De Jeker stroomt dwars door Maastricht langs de stadswal zo de Maas in. Het park heeft veel water en groen en ik vermaak me nog een half uurtje, onder andere bovenop de oude wal.

In de trein terug naar huis bedenk ik me alweer wanneer ik aan een volgende LAW of streekroute ga beginnen, dat is over een paar dagen al. Jammer dat er ook gewerkt moet worden, anders had ik in no-time ballonkuiten van het lopen. Heerlijk.

Vervolg: de GR5?