arnhem-rozendaal / rozendaal-rheden / rheden-dieren / dieren-loenen / loenen-hoenderlo / hoenderlo-kootwijk / kootwijk-otterlo / otterlo-arnhem / wolfheze-arnhem / schaarsbergen-hoenderlo / hoenderlo-roekel / roekel-lunteren / wolfheze-lunteren / kootwijk-hoog soeren / vaassen-hoog soeren / elspeet-vaassen / kootwijk-putten / garderen-hoogsoeren-elspeet-garderen / elspeet-putten


vervolg van

Het Veluwe Zwerfpad


Maandag 05 en dinsdag 06 januari 2009 van Vaassen naar Hoog Soeren, 16 kilometer.

Vannacht gaat het weer koud worden en ik heb mijn tarpje ingepakt. Met mijn huis op mijn rug met het OV naar Vaassen om uit te stappen bij kasteel Cannenburch waar iedereen op een ondergelopen en bevroren deel aan het schaatsen is. Als ik het dorp in het donker uitloop, kom ik langs een heleboel niet-bevroren waterlopen. Vreemd, want het is al dagenlang onder nul. Het blijken sprengenbeken te zijn en die komen natuurlijk boven nul boven de grond.

Kort buiten het dorp is een camping die eigenlijk gesloten is, maar mij wel wil opvangen. Ik loop in het donker eerst een oprit op waar ik niks te zoeken heb (hoewel het de volgende ochtend wel de korte route bleek te zijn) en ga dan nog een kilometer verder om via de hoofdingang het terrein te betreden. Alles is witbesneeuwd en nergens een mooie paal of boom om mijn tarpje aan op te hangen. Dus terwijl ik loop te dubben of ik zonder tarp of onder een klimtoestel ga liggen, meld ik me even. Het is al half tien, maar ik zag zojuist iemand lopen. De mensen zijn hartstikke vriendelijk en gastvrij - zelf ook echte kampeerders - en er wordt me een overnachting in de recreatieruimte aangeboden. Ik heb niet lang getwijfeld en die nacht op een bank geslapen.

De volgende ochtend vertrek ik zo vroeg als de schemering het me toestaat. Ik loop tenslotte op de markeringen en in het donker zie ik die niet. Het is nog -14 als ik aanloop en mijn neushaartjes bevriezen. :-) Aan de ene kant van me kleurt de hemel oranjerood en aan de andere kant rose. Als even later de zon boven de horizon uitkomt, geeft dat prachtige plaatjes.




Het landschap is afwisselend en er is veel te zien. Ik loop langs wat huisjes en door een gehuchtje en heb het hart niet om een bankje schoon te vegen, dus loop maar weer verder. Een bepaald stuk gaat tussen twee weilandjes door en het pad is aan beide zijden afgezet met gaas. In de sneeuw kan ik zien dat deze doorgang ook gebruikt wordt door reen en er loopt een dassenwissel dwars op het paadje.


Ik had het idee, dat ik bij n van de aangegeven campings wel even een warm bakje kon doen, maar ik heb ze gemist. Dus ik hou mezelf voor, dat ik bij de eerstvolgende gelegenheid een bakkie heet water ga maken. Wat ik erin ga doen maakt me niet uit, als het maar warm is. De temperatuur is helemaal goed, zolang ik maar door blijf lopen. Niet te snel, want dan ga ik zweten en niet te langzaam, want dan koel ik af. Bij een bankje in de zon haal ik mijn keteltje uit de rugzak, mijn brandertje ook en wil wat water uit mijn waterzak in het keteltje laten lopen. Wat niet lukt. Niet het water in de zak is bevroren, maar wel het mondstuk en het kraantje aan de slang. Grmpf. Ik heb geen zin het te laten ontdooien, dus loop met mijn keteltje naar een klein huisje verderop met achterlating van mijn hele hebben en houwen en vraag de beste man die in zijn badjas opendoet of hij wat water voor me heeft. Verdwaasd kijkt hij me aan, maar vult toch mijn keteltje. Een heerlijk warme kop chinese tomatensoep wordt in etappes opgedronken en in de tussentijd trek ik een paar sprintjes met een fruitkeks tussen mijn tanden om toch vooral warm te blijven.

Na mezelf weer warmgelopen te hebben kom ik het kroondomein in. Lyrisch vanwege het plots veranderde bosbeeld na het passeren van het wildrooster zet ik mijn kleine frutcameraatje in filmstand en loop met het ding voor mijn neus richting een open deel. Om stil te vallen wanneer ik de drie edelherten met een knots van een gewei op hun gemakje te zien staan eten. Ik sta vol in hun zicht, maar beweeg me alleen maar als zij even niet opletten en weet me zo achter een boom te manoeuvreren. Ik kan ze zo tien minutenlang bewonderen tot ze zich langzaam uit mijn beeld verwijderen. Zo snel en zo stil als het me lukt ga ik naar het pad terug waar ik ze dadelijk moet zien oversteken. En ook dat geluk is me gegund. Ik kan ze nog een hele poos door het bos volgen zonder dat ze me in de gaten hebben.

Hierna volgt een byzonder mooi stukje. Ik loop over een wit paadje met aan weerszijden witberijpte berken en de zon staat pal achter me waardoor alles een erg mooie uitstraling krijgt. Ik heb er zeker twee maal zo lang over gedaan dan noodzakelijk was, zoveel heb ik gefotografeerd en rond lopen kijken. En ik kreeg er ook nog eens een telefoontje waarbij ik werd uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek. (edit: ik ben aangenomen! :-) )





Wat verder gaat de route langs een schuilhutje (hutje van Feddema) waar ik dankbaar gebruik van maak. Zoveel neem ik mijn rust niet als ik niet gewoon op de grond kan neerploffen. En aangezien ik niet in een regenbroek loop en niet steeds zin heb om een zitmatje tevoorschijn te toveren, loop ik maar door. Maar nu ga ik even zitten, rugzak af, koekje erbij, beetje drinken uit mijn waterzak waarvan ik het mondstuk nu alsmaar in een zak van mijn jas houd om bevriezing tegen te gaan. Na deze korte pauze ga ik weer verder in het gezelschap van het spoor van Reintje. De vos zal een hele poos met me meelopen en een alsmaar terugkerend fenomeen zijn. Behalve dt ook veel reesporen, hertsporen en het zwijn laat ook voldoende na. Die laatste is overigens de enige die geen gebruik lijkt te maken van voor mensen aangelegde paadjes, vos, ree en hert doen dat wel. Een prachtige boom (het Gerritsboompje) stond een beetje van het pad af en kort daarna sloeg ik - gelukkig - verkeerd af.



Gelukkig fout gelopen? Jazeker, want door deze fout kwam ik nog even twee wilde zwijnen tegen. Op de spekglad gereden weg moest ik mijn best doen om te blijven staan, maar de dieren namen geen notitie van me en kruisten mijn route. Kort erop kwam ik tot de conclusie dat ik op een vijfsprong was en het stond me nog bij, dat daar een knooppunt van trajecten moest zijn. Maar er stond maar n route aangegeven, dus ik haalde het boekje erbij en bleek dat knooppunt al gehad te hebben en een verkeerd traject aangehouden te hebben. Het was pas een goeie halve kilometer, dus ik draaide weer om. En ging kort daarna plat op mijn snufferd op het spiegelgladde wegdek. Waardoor me wel weer het bevroren plasje opviel.


Op het laatste stukje liep ik weer langszij het vossenspoor. Het pad liep langs het ietsjes naast de route verborgen Ruitersgat. Dit is een diepe, met water gevulde kuil zoals er hier meer liggen. Een voormalige leemput, nu bevroren. Over het ijs lag een omgevallen boomstam en de vos heeft zich zoals altijd een weg over die stam gebaand. Zijn sporen stonden in de sneeuw gedrukt. Kort hierna kwam ik weer bij bushalte De Echoput en was er weer een zeer geslaagd dagje wandelen ten einde.


>> Vervolg van het Veluwe Zwerfpad >> klik hier >>